Enseignants
Langue
d'enseignement
d'enseignement
Neerlandais
Acquis
d'apprentissage
d'apprentissage
A la fin de cette unité d’enseignement, l’étudiant est capable de : | |
|
|
Contenu
Politieke communicatie beïnvloedt de publieke sfeer, bepaalt politieke uitkomsten, en geeft uiteindelijk mee vorm aan de samenleving. Dit vak onderzoekt hoe politieke actoren communiceren, betekenissen construeren, en tegenstellingen creëren – door middel van toespraken, beelden, symbolen, representaties, campagnes en strategische boodschappen. Het behandelt fundamentele theorieën over politieke communicatie uit onder meer de retorica en onderzoek naar persuasion, strategische communicatie, en discours. Daarmee bestrijkt het een periode die loopt van de klassieke retorica – zoals Aristoteles’ ethos, pathos en logos – tot nieuwe ontwikkelingen in het hedendaagse onderzoek naar overtuiging, zoals attitudeverandering en framingtheorie.
Dit vak vertrekt in de eerste plaats vanuit het perspectief van de politieke actor. Het onderzoekt hoe verkozen politici, politieke kandidaten, partijen en sociale bewegingen overtuigende boodschappen ontwikkelen, aansluiting zoeken bij publieken en reageren op politieke uitdagingen. Daarmee onderscheidt het zich van de vraag hoe nieuwsmedia over politiek berichten, die in een ander vak aan bod komt.
Doorheen het vak worden essentiële theoretische inzichten gekoppeld aan praktische toepassingen. De eerste lessen introduceren fundamentele concepten. Aristoteles omschreef retorica als “de kunst om in een gegeven situatie alle beschikbare overtuigingsmiddelen te ontdekken”. Deze definitie vormt het uitgangspunt voor onze verkenning van overtuigende toespraken en argumentatie. Vervolgens behandelen we de belangrijkste theorieën over overtuiging en onderzoeken we hoe deze politieke propaganda, campagneadvertenties, en de attitudes van kiezers kunnen verklaren. Studenten leren hoe strategische communicatie boodschappen afstemt op doelstellingen en daarbij gebruikmaakt van inzichten uit de psychologie en marketing om publieke attitudes te beïnvloeden.
Vervolgens verschuift de aandacht van theorie naar praktijk. Het vak gaat dieper in op het schrijven van toespraken en politieke welsprekendheid, campagnestrategieën en politieke boodschappen, en het vormgeven van een publiek imago. We analyseren beroemde toespraken en debatoptredens en ontleden de retorische technieken – zoals herhaling, metaforen en storytelling – die ze memorabel maken. Casussen uit de Verenigde Staten en Europa illustreren hoe doeltreffende campagnes overtuigende narratieven en discoursen ontwikkelen.
Het vak behandelt ook actuele ontwikkelingen, zoals de invloed van sociale media op politieke communicatie, microtargeting in politieke advertenties, memecultuur en de opkomst van door artificiële intelligentie gegenereerde inhoud en deepfakes. Eén les hanteert een mondiaal perspectief en vergelijkt de werking van politieke communicatie in verschillende politieke systemen. Een andere les richt zich specifiek op het Globale Zuiden en onderzoekt hoe politici communiceren in opkomende democratieën en ontwikkelingslanden, waar een beperkte toegang tot media en de lokale culturele context innovatieve benaderingen vereisen.
Doorheen het vak wordt bijzondere aandacht besteed aan de democratische implicaties van politieke communicatie. Daarbij staan vragen centraal over propaganda versus overtuiging, desinformatie en de verantwoordelijkheid van degenen die de “kunst van de politiek” beoefenen. Aan het einde van het vak zullen studenten politieke retoriek kritisch kunnen analyseren, strategische campagnebeslissingen kunnen begrijpen en zelf overtuigende politieke boodschappen kunnen ontwikkelen.
Dit vak vertrekt in de eerste plaats vanuit het perspectief van de politieke actor. Het onderzoekt hoe verkozen politici, politieke kandidaten, partijen en sociale bewegingen overtuigende boodschappen ontwikkelen, aansluiting zoeken bij publieken en reageren op politieke uitdagingen. Daarmee onderscheidt het zich van de vraag hoe nieuwsmedia over politiek berichten, die in een ander vak aan bod komt.
Doorheen het vak worden essentiële theoretische inzichten gekoppeld aan praktische toepassingen. De eerste lessen introduceren fundamentele concepten. Aristoteles omschreef retorica als “de kunst om in een gegeven situatie alle beschikbare overtuigingsmiddelen te ontdekken”. Deze definitie vormt het uitgangspunt voor onze verkenning van overtuigende toespraken en argumentatie. Vervolgens behandelen we de belangrijkste theorieën over overtuiging en onderzoeken we hoe deze politieke propaganda, campagneadvertenties, en de attitudes van kiezers kunnen verklaren. Studenten leren hoe strategische communicatie boodschappen afstemt op doelstellingen en daarbij gebruikmaakt van inzichten uit de psychologie en marketing om publieke attitudes te beïnvloeden.
Vervolgens verschuift de aandacht van theorie naar praktijk. Het vak gaat dieper in op het schrijven van toespraken en politieke welsprekendheid, campagnestrategieën en politieke boodschappen, en het vormgeven van een publiek imago. We analyseren beroemde toespraken en debatoptredens en ontleden de retorische technieken – zoals herhaling, metaforen en storytelling – die ze memorabel maken. Casussen uit de Verenigde Staten en Europa illustreren hoe doeltreffende campagnes overtuigende narratieven en discoursen ontwikkelen.
Het vak behandelt ook actuele ontwikkelingen, zoals de invloed van sociale media op politieke communicatie, microtargeting in politieke advertenties, memecultuur en de opkomst van door artificiële intelligentie gegenereerde inhoud en deepfakes. Eén les hanteert een mondiaal perspectief en vergelijkt de werking van politieke communicatie in verschillende politieke systemen. Een andere les richt zich specifiek op het Globale Zuiden en onderzoekt hoe politici communiceren in opkomende democratieën en ontwikkelingslanden, waar een beperkte toegang tot media en de lokale culturele context innovatieve benaderingen vereisen.
Doorheen het vak wordt bijzondere aandacht besteed aan de democratische implicaties van politieke communicatie. Daarbij staan vragen centraal over propaganda versus overtuiging, desinformatie en de verantwoordelijkheid van degenen die de “kunst van de politiek” beoefenen. Aan het einde van het vak zullen studenten politieke retoriek kritisch kunnen analyseren, strategische campagnebeslissingen kunnen begrijpen en zelf overtuigende politieke boodschappen kunnen ontwikkelen.
Méthodes d'enseignement
Het vak bestaat voornamelijk uit klassieke ex-cathedralessen. Daarnaast omvat het ook de gezamenlijke analyse en bespreking van casestudy’s, thuis te verwerken lectuur en presentaties door studenten.
Modes d'évaluation
des acquis des étudiants
des acquis des étudiants
80% van de punten voor de cursus wordt toegekend op basis van een gesloten boek, mondeling examen dat de kennis en het begrip van de studenten van de concepten, theorieën, en redeneringen die in de cursus aan bod komen, toetst.
20% van de punten wordt toegekend op basis van een dubbele opdracht. Studenten wordt gevraagd een originele politieke toespraak te schrijven en te brengen, aangepast aan een specifiek historisch of hypothetisch scenario. De toespraak moet ongeveer 5 minuten duren. Vervolgens wordt hen gevraagd een kort reflectief commentaarstuk te schrijven waarin ze de retorische strategieën analyseren die ze hebben gebruikt – geef aan waar je ethos, pathos en logos hebt gebruikt, welke narratieve of framingtechnieken voorkomen en waarom je daarvoor hebt gekozen op basis van het beoogde publiek. Deze oefening stelt studenten in staat om zowel hun creativiteit in het creëren van overtuigende taal te tonen als hun analytisch begrip van retoriek.
20% van de punten wordt toegekend op basis van een dubbele opdracht. Studenten wordt gevraagd een originele politieke toespraak te schrijven en te brengen, aangepast aan een specifiek historisch of hypothetisch scenario. De toespraak moet ongeveer 5 minuten duren. Vervolgens wordt hen gevraagd een kort reflectief commentaarstuk te schrijven waarin ze de retorische strategieën analyseren die ze hebben gebruikt – geef aan waar je ethos, pathos en logos hebt gebruikt, welke narratieve of framingtechnieken voorkomen en waarom je daarvoor hebt gekozen op basis van het beoogde publiek. Deze oefening stelt studenten in staat om zowel hun creativiteit in het creëren van overtuigende taal te tonen als hun analytisch begrip van retoriek.
Faculté ou entité
en charge
en charge
Programmes / formations proposant cette unité d'enseignement (UE)
Intitulé du programme
Sigle
Crédits
Prérequis
Acquis
d'apprentissage
d'apprentissage
Bachelier en information et communication
Bachelier en information et communication (français-anglais)
Bachelier en information et communication (français-néerlandais-anglais)
Bachelier en sociologie et anthropologie
Bachelier en sociologie et anthropologie (français-anglais)
Bachelier en sociologie et anthropologie (français-néerlandais-anglais)
Bachelier en sciences politiques, orientation générale
Bachelier en sciences politiques, orientation générale (français-anglais)
Bachelier en sciences politiques, orientation générale (français-néerlandais-anglais)
Bachelier en traduction et interprétation [Filière en communication interculturelle]